Tony's start
In 1966 kocht Tony zijn eerste rododendrons in het Gentse en in verschillende tuincentra in
Belgisch Limburg. Ongeveer 10 jaar later begon hij met kruisen. In 1976 maakte hij
tweemaal een reis naar Hobbie om er rodo's te kopen. Vooral de R. fortunei hybriden
spraken hem aan. Rond 1980 kocht hij samen met D.M.van Gelderen rodo's aan bij
Hachmann, Cox en Greer (USA). Samen met rododendronkweker Adolf Standart uit
Lochristi werden eveneens heel wat rodo's aangekocht. Zo kwamen de R.yakushimanum
hybriden van Hydon in zijn bezit (Hydon Dawn - Hydon Ball - Hydon Glow - Hydon Hunter
en General Eric Harrison) Deze planten vond Adolf Standart te duur en zo kwamen ze
allemaal in Tony's tuin terecht. Ook bij Bruns werd er aangekocht.
Selectie criteria
Gele rododendrons en geurende soorten spraken tot Tony's verbeelding. Tot nu toe zijn vele
duizenden kruisingen gemaakt en een kleine tweeduizend hybriden zijn beschreven. De
zaailingen overwinterden vanaf het begin buiten. Het is zeker niet de bedoeling om er na drie
of vier jaar de eerste bloemen te zien. Tony wil enkel zoveel mogelijk zaailingen zien bloeien
om selecties te kunnen maken. Bij de selecties hanteert hij criteria als de kleur ,de vorm van
de bloementros, de geur, de regen- en zonbestendigheid en ten slotte de ziekteresistentie.
De laatste jaren steken de rododendronbloemen orchideeën naar de kroon of om het met de
woorden van Ivo Pauwels (auteur tuinboeken) te zeggen: het zijn rododendrons met subtiele
tekeningen en met de grandeur van orchideeën
'Coeur Blessé'
Dit is een gezonde plant met een donkergroen blad. De struik is echt dicht en compact
(na 22 jaar ongeveer 1m20). De winterhardheid is voldoende voor Nederland en België. Deze kruising
ontstond omstreeks 1985 uit Mrs Antony Waterer x onbenaamde Suffeleers R.wardii hybride. Deze
rododendron bloeit rijkelijk omstreeks midden mei met normale bloemtrossen. De bloeiperiode is vrij
lang daar de bloemtrossen niet gelijk openen. De vorm van een hart is nog duidelijker bij een
zusterhybride, maar deze plant wordt veel hoger en losser. Met deze plant is reeds verder gekruist
maar bloeiresultaten laten nog op zich wachten.
'1786'
Deze kruising ontstond uit Hotei x Holy Moses omstreeks 1980. Kenmerkend voor deze plant is
de afgeplatte bloemtros en het donkergroen gezond loof. De gele bloemvlekken schitteren opvallend
in de zon. Na iets meer dan twintig jaar is de struik slechts ongeveer 1 m20. In de winter is een
beschutte standplaats nodig. Meer dan 17 à 18 graden onder nul is dodelijk voor deze rododendron.
Met deze plant is verder gekruist wat je wel kunt zien op de foto.
'542'
Dit is een kruising van het einde der tachtiger jaren en stamt voort uit Hotei x (Damaris x Crest).
Deze plant is een zwakke groeier en blijft dus erg klein. Na al de jaren is ze nu slechts 80 cm hoog en
breed. De bladeren zijn R. wardii-vormig en donkergroen. Het is een iets moeilijke plant maar dit
euvel wordt ruimschoots vergoed door de lange en vrij late bloeitijd. Winterbescherming is nodig bij
strenge vorst en het is zeker geen plant voor een continentaal klimaat. Het is een ideale ouderplant
om verder te kruisen.
'Second Dream'
Deze zaailing uit de vroege jaren tachtig is een R.bureavii hybride. De ouders zijn
Sproetje (R. Bureavii hybride) x onbekende R.discolor hybride (waarschijnlijk van Hobbie).
Sproetje ontstond uit Bashfull x R. bureavii hybride (waarschijnlijk met Amerikaanse oorsprong ). Het
blad is gezond en donkergroen maar het indimentum van R. bureavii is verdwenen. De bloem is
opvallend warmte- en hittebestendig en bloemkleuren verbleken niet in de zon. De plant kan ook goed
een vorst van ?22 graden doorstaan zonder noemenswaardige schade aan plant of bloemknoppen.
De meeldraden van deze bloem zijn volledig gebruikt om verder te kruisen. Resultaten van dit
kruisingswerk zullen nog wel enkele jaren op zich laten wachten maar ze zijn veelbelovend.
'1779'
1799: heeft een donkergroen gezond blad en is een sterke groeier. De winterhardheid is voldoende
voor Vlaanderen en Nederland. De bloeitijd situeert zich omstreeks de derde meiweek. De
bloembladeren vallen af bij het einde van de bloei en ze blijven ongeveer 1 week onverwelkt liggen
( afhankelijk van het weer ). De meeldraden vallen eveneens af bij het einde van de bloei.
Deze hybride ontstond uit Suffeleers Brunette ( China hybr. ) x { ( R. dichroantum x R. wardii ) x
oude R.catawbiense hybride }. Zuster Arabian Brunette is te bewonderen in de herfsteditie 2000 van
het ARS journal.
'1001'
1001: is een sterke groeier met donkergroene bladeren. Deze plant is momenteel ongeveer 2,5 m
hoog. Omstreeks de derde week van mei maakt deze rododendron zeer grote bloemtrossen. De
bloemkleur is rose en okergeel met een bruine keelvlek. De bloeitijd is vrij lang daar de bloemtrossen
zich niet tegelijk openen. Bij strenge vorst is beschutting nodig. Deze rododendron ontstond rond 1985
uit Inamorata x ( R.dichroantum hybride x R. discolor hybride ). Bij het einde van de bloei vallen
bloembladeren en meeldraden af. Sommige kelkbladeren blijven gedurende de winter aan de plant
maar ze zijn dan groenig gekleurd.
'Magic Africain'
Magic Africain is een kruising van rond 1980. Deze plant ontstond uit Hotei x { Idealist X ( R.
catawbiense hybr. x R.campylocarpum hybr. )}. Na meer dan 20 jaar is deze rododendron nog maar
slechts 1,2 m hoog. Deze plant kan vrij goed strenge vorst weerstaan. Magic Africain is een
regelmatige bloeier. De bloemtrossen gaan rood open en verbloeien naar een warm geel. De
kelkblaadjes zijn sterk naar achter gebogen. De bloemtrossen hebben 14 kelken en de trosbreedte is
rond de 15 cm. De doormeter van de kelken is 7 cm. Bij het kruisen kunnen we de bloemen alleen
gebruiken als moeder. De bloemen produceren geen stuifmeelkorrels ( typisch voor Hotei ).